maandag 13 augustus 2018

Zweedse Zomers! DEEL 2


We rijden de boot af in het kustplaatsje Varberg. Even tanken (katching!) en door naar bestemming 1; een kleine camping aan het meer Bolmen, in the middle of nowhere. Als we bij de tank wegrijden en een rotonde nemen met de Sunrise kijkt mijn man in de zijspiegel.
Benzine gutst uit de tank.

Wij worden nog wel eens als chaotisch bestempeld. Zelf zeg ik liever dat we een sterke aanleg hebben voor avontuur en vertrouwen in de mensheid. Anyways, nádat we zijn omgekeerd en de tankdop hebben opgehaald bij de benzinepomp, laten we de stad achter ons en rijden we het binnenland in.
Het is al vrij laat en de zon zakt vol prachtige kleuren naar beneden. Het land maakt direct verwachtingen waar. Glooiende, stille dennenweggetjes. Fijn, fijn!






De camping is vol, maar niemand lijkt zich druk te maken over het feit dat wij intrek nemen op iets dat ooit een tennisbaan was. Het meer is meer dan schitterend. Wat op de kaart een klein meer lijkt, is in realiteit oneindig groot en vol met de prachtigste onbewoonde eilandjes van stenen en bomen. 





De volgende ochtend spotten we een VW T2 die er nog al ‘vertrekkerig’ uitziet en toevallig op het mooiste plekje van de camping staat. Zoals een echte Hollandse vakantieganger betaamt claimen we (na hun vertrek) de plaats met handdoeken en stoelen.
Nu alleen nog even camper verplaatsen naar droomplek en laat het relaxen maar beginnen!  If only... Zoals ik al eerder vertelde, weigerde de Sunrise het starten regelmatig. Zo ook nu, aarrgghh.
Het niksen onder een boom wordt al snel vervangen door een tennisbaan die functioneert als werkplaats, bezaaid met de motorkap, gereedschap en mannenzweet.

Het euvel is iets met elektra en wordt op mysterieuze wijze verholpen. Als in: er wordt wat gerommeld aan draadjes en hij start weer.  En nu de boel toch overhoop ligt, zorgt de rood aangelopen, zwetende man er ook voor dat de motor beter wordt afgesteld, waardoor we de rest van de vakantie weer ultieme Sunrise-power hebben. Puik.

De opvolgende dagen worden gevuld met kanoën, zwemmen, dutjes doen, koken, eten en rondjes lopen. Langzaam kom ik in een Zen staat van zijn. De natuur en het ‘kleine leven’ in de camper werken helend. Ik ben snel af van mijn telefoonverslaving en moet-gedachten. Onze kleine jongen geniet ook met volle teugen van het buiten zijn. Even is het leven zoals je het altijd zou willen zien. Stil en simpel.




Het smaakt naar meer. We rijden rond door een landschap waar de ene na de andere potentiële villa Kakelbond opduikt. Zo mooi en kleurijk, deze houten huizen. Ik fotografeer en smelt, kleine David slaapt lekker in zijn autostoel op de motorkap en we genieten van het roadtrippen(en de soepellopende Sunrise).
Onderweg komen we waarschuwingsborden tegen m.b.t. het lokale wildleven; zwijnen, herten en elanden. 
Omdat we niet het geluk hebben om ze ook daadwerkerlijk te spotten, gaan we naar een ‘elk farm’. Nadat we 15 euro hebben betaald om 4 door de hitte versufte elanden hebben zien liggen bestellen we maar snel koffie en wat lekkers. Zweden moeten het blijkbaar meer hebben van hun prachtige natuur en cultuur (zoals hun ‘Fika’) dan van 'spectaculaire' toeristische trekpleisters. En dat is meer dan prima.










Alhoewel… na enkele (wederom prachtige) ritjes staan we nu aan de kust.
Daar waar de sympatieke, maar te vaak beschonken, detective Wallander de misdaad bestreed. Met Ystad als levendig en pittoresk middelpunt.
Er is een museum op de plek die ooit diende als het politiebureau in de serie. En in dat museum blijkt ook nog eens de originele kleding van Saga en Hendrik uit 'the Bridge' te hangen. De fangirl in mij raakt direct over-enthousiast en vervalt in ernstig selfie gedrag.
Dit petieterige museum bleek ook voor de andere 2 gezinsleden de moeite waard. Er is een verkleed/kostuumhoek, 2 complete filmsets (in de vorm van een circustent en een ruimteschip) én een greenscreen. Aanradertje.








Als we ook nog een echt vikingfort hebben bezocht en veel strand uurtjes hebben gemaakt, is onze Zweedse tijd op. In Denemarken wachten namelijk nog Kopenhagen én reisvriend van welleer Edward met zijn gezin op ons. Ieder nadeel heb z'n voordeel. 
Maar voor vertrek wacht ons nog de enige echte 'Bron'. Oftewel DE brug uit de gelijknamige serie. Had ik al laten vallen dat ik daar erg van hou!? Ik laat de foto’s verder vertellen. 










PS Er kwam muziek in mijn hoofd.

Echoes start as a cross in you
Trembling noises that come too soon
Spatial movement which seems to you
Resonating your mask or feud
Hollow talking and hollow girl
Force it up from the root of pain
Never said it was good, never said it was near
Shadow rises and you are here
And then you cut
You cut it out
And everything
Goes back to the beginning
Hollow Talk



zaterdag 11 augustus 2018

Zweedse Zomers? DEEL 1


Zweden. Al sinds mijn jeugd spreekt dit land tot mijn verbeelding. Natúúrlijk omdat ik in de veronderstelling was dat er daar meisjes woonden die paarden op konden tillen en zichzelf konden toespreken dat ze nu toch echt moesten gaan slapen (met hun voeten op het kussen).
Maar niet alléén Pippi lag aan de basis van mijn fascinatie.

Mijn vader moest voor zijn werk namelijk een aantal keer naar Stockholm. Hij vertelde dat het daar zo modern was en dat iedereen daar zo goed Engels sprak. Hij vloog met SAS (Scandinavian Airlines). Dat schijn ik zo fascinerend te hebben gevonden dat ik aan iedereen die zich in 1988 op Schiphol bevond vol trots heb verteld dat ‘mijn papa in die SAS zat(!!)’. Toen hij thuiskwam bracht hij een typisch Zweeds beschilderd rood paardje voor me mee. Ik vond het prachtig.

En op een zeker moment kreeg ik de leeftijd dat ik Zweedse detectives ging kijken. Dat ik de taal niet kon ontrafelen en ze over eindeloze, duistere dennenweggetjes reden op zoek naar boeven maakte het allemaal nog mysterieuzer. Tel daar dé brug, de talloze stille stranden en kaneelbroodjes bij op en u snapt het; ik was om.

Dit jaar was het dan eindelijk zover. Na flink wat pogingen kreeg ik manlief overtuigd. Hij had namelijk twijfels m.b.t. de likebility van Scandinavië. Met name het klimaat zat hem dwars. Zou een vakantie in de regen met een peuter niet uitlopen op een groot drama inclusief veel pruillippen en gezeur!? Boy, could he be more wrong. Of beter gezegd, wat een uitmuntende timing van uw blogster om juist dít jaar naar Denemarken en Zweden af te reizen *klopt zichzelf op de schouder*.

Dus daar gingen we. Na een aantal zeer aangename tussenstops in Denemarken, lonkte de overkant. Alleen gaf de Sunrise wat tegengas. Of nou ja eigenlijk gaf hij helemaal geen gas. Het starten van de motor was weer ouderwets moeizaam, vooral als hij heet was. En het was dus sowieso nogal heet, ziet u. 
Om de motor én het stressgehalte van mijn man te sparen besloten we daarom een stuk zuidelijker over te varen dan het oorspronkelijke plan, maar alsnog; eindelijk naar Zweden! 

Een paar dagen voor de overtocht zoek ik in mijn portemonnee naar de ID kaart van onze kleine jongen. Nergens te bekennen. Voor de zekerheid kijk daarna nog ongeveer 85 x in de portomonnee,  doorzoek ik al onze tassen en zet ik de gehele camper inhoud op zijn kop. Geen.spoor.van.het.pasje. Ik begin (nog meer) te zweten….
Voorzichtig typ ik in op Google: Paspoort controle veerboot Zweden. Steeds diezelfde zin: ‘Alle kinderen dienen over een eigen identiteisbewijs te beschikken.’
Een misselijkheid gevoel borrelt op. De boottickets zijn al in huis. En nu!!??

We besluiten het er maar op te wagen, we hebben immers weinig te verliezen. 'S ochtends vroeg rijden we naar de afvaarplek, met het gevoel dat we ernstige criminelen zijn.
In mijn hoofd zie ik mijn jeugddroom in duigen vallen en forseer de gedachte dat alleen Denemarken ook echt wel prima is (not!)…
Daar staan we dan, in de rij bij de paspoort controle. Zenuwachtig vraag ik aan echtgenoot of de mevrouw in het hokje er een beetje aardig uitziet. Dan zijn wij aan de beurt. Echtgenoot overhandigt onze paspoorten en begint een nerveus gebrabbel over dat we zijn kaart zijn verloren, maar wel een verzekeringsbewijs hebben.
Ik voeg er nog heel wanhopig aan toe dat het echt onze zoon betreft. En alsof hij het snapt geeft kleine David haar zijn allerzoetste glimlach.

De vrouw kijkt ons lacherig aan, laat een kleine stilte vallen en zegt: ‘Als jullie de ID kaart kwijt zijn jullie zoon, dan is dat jullie probleem. Welkom bij Stena line en goede reis!’
We kijken elkaar nog een poosje verbouwereerd aan, dan parkeren we de camper in de rij de voor de boot en trakteren onszelf op de aller -allergrootste ijsco die we kunnen vinden.

Skål!









dinsdag 31 juli 2018

Danisch delight

Sleutel bij de buren voor de plantjes?
Check.
Gas uit?
Check.
Camper volgepropt?
Check.
1000 dingen om het kind te vermaken onderweg?
Check.

De navigatie staat in noordelijke richting. De motor start met wat tegenzin, maar al snel laten we ons huis, de straat en de stad achter ons.
Normaal gesproken hét moment dat je alle sores achter je laat. 
Het lukt mij niet.
Ik doe braaf wat ik hoor te doen. Schenk koffie in, deel boterhammen uit, speel 'zoek de rode auto's' (x 1000) en betaal bij de tank. Maar hoeveel clichématige vakantie handelingen er ook volgen, het bijbehorende vakantiegevoel volgt niet. 

Als we bij ons eerste tussenstopje een idyllisch meer aantreffen en een spontane zwemsessie inlassen is er wel een kort zen momentje. Maar helaas; al snel schiet er weer van alles door mijn hoofd. In die gedachten zit opvallend vaak het woordje 'moeten'. Daar ben ik me bewust van, maar het lukt me toch niet om deze gedachten achter me te laten.
De kilometers laten we ondertussen wèl achter ons. De Sunrise brengt ons naar een volgend plaatsje dat niet zou misstaan in een must-see vakantiegids. Een dromerig Deens vakantiedorp en een campingplaats met zeezicht, waar je (theoretisch gezien) 10 keer de radslag kunt doen zonder bij de buren te raken. De zon schijnt ook nog eens harder dan ik hebben kan, want ik blijk nog steeds niet in staat het allemaal binnen te laten komen.

Gelukkig zijn en ontspannen. Zélfs als alle omstandigheden er zijn om die emoties te voelen, is het voor mij geen vanzelfsprekendheid. Sterker nog, hoe zonniger de omstandigheden, hoe duidelijker het contrast is met wat er bij mij van binnen gaande is. Ik frustreer me er over dat ik niet in staat ben de knop om te zetten:
Ik moet nog 1000 dingen voor mijn werk. Ik moet nu bedenken wat we zo eten. Ik moet een leukere moeder zijn. Ik moet een plan maken voor deze vakantie. Ik moet nadenken over mijn carrière. Ik moet een planning maken voor onze klusjes... 
En zo zou ik nog wel een uurtje door kunnen gaan. Met gemak. Maar dan haken jullie af, want wat bèn ik toch een zeikerd. Daar moet ik trouwens ook iets aan doen.
Dit laatste krijg ik pijnlijk bevestigd van mijn ega, die mij niet zo'n gezellige reisgenoot vindt.

Nét voor we een volgend plaatsje willen aandoen valt de kleine blonde wervelwind ook nog eens een gat in zijn kop tegen onze Sunny. Het loopt goed af, in het ziekenhuis met een pleister en een ijsje, maar ik huil harder dan nodig is. 
Er komt narigheid uit. 
Omdat ik recent een miskraam heb gehad en de wereld maar doordraait. Omdat ik niet weet wat ik met dat gevoel aanmoet. Omdat ik niet goed kan uiten wat ik dan eigenlijk voel. Omdat ik me veel te druk heb gemaakt over werk, huis en camper. Omdat de zon schijnt en het vakantie is en dan hoor je blij te zijn. Punt.
Aha. Daar komt een aap uit de mouw. Het mag er allemaal niet zijn. Maar het is er. En mag ik niet, net als zoonlief, gewoon hard huilen tot het echt over is!?

Een dag later. Kind doet een slaapje. Het is 30 graden.  Ik lig onder een boom en denk alleen 'ik hoor vogels, wat een lekker briesje' en 'ik doe heeel even mijn ogen dicht'....

Als ik een uur later wakker wordt, is er even niks. Ik voel geen moeten meer. Alleen een enorme moeheid. En dat mag er zijn, ik laat het toe. Er is minder spanning. En dat wat er nog is, is oké. Onbelangrijk wat anderen vinden.
Weer iets minder om je druk over te maken. 
Check.

Mocht je nu denken: wat heeft dit alles met de camper te maken? Nou, het grote bruin/oranje gevaar heeft er (mede) voor gezorgd dat ik mijn strategie van doordraven niet meer kon toepassen. Waarvoor dikke dank Sunrise. En als we toch bezig zijn: bedankt wonderschoon Denemarken; veel dank groot langharig mens en mooi klein mensje met het gaatje in je kop.
Èn een bedankje voor mezelf, omdat ik ergens in Scandinavië de ballen heb gevonden dit op te schrijven en te delen.

En weer popt er een liedje in mijn hoofd op. (Dit keer van het minder foute soort ;)

Tell me how to be in this world
Tell me how to breathe in and feel no hurt
Tell me how 'cause I believe in something
I believe in us

James Bay- Us



zaterdag 28 juli 2018

Screwed!


Een hete Zondag in Gouda, 14.00, 6 dagen voor vertrek. 
Als ik ons huis uit loop zie ik het welgevormde achterwerk van mijn echtgenoot uit de camper steken. Ik ruik ik een olielucht. Om hem heen staat een onnoemelijke hoeveelheid tangen, sleutels en lege flessen.
AAaaakmkjvkjwepfjpwjfpjkjgfkugkhiulhoiluhouhouy80ujhvjjhncnjfcjmerokifo23eHij kijkt content op. “Servicebeurtje is bijna klaar, schat!”.
Ook ik heb mijn steentje bijgedragen; de campergordijnen zijn gewassen, zwembroeken, flipflops en regenjassen liggen keurig ingepakt te wachten op vertrek. De gang staat vol kratten met boodschappen (drank!). We lijken er helemaal klaar voor, ons nieuwe avontuur. Na een jaar vol turbulentie vinden wij dat we deze vakantie erg hebben verdiend en mijn hemel, wat hebben we zin. Bij het avondeten komen we samen tot de conclusie, dat op tijd klaar zijn voor vertrek (zonder stress) wel een erg goed begin is van het vakantiegevoel. Scandinavië (al lang op de wishlist!) here we come!

Een zeer hete maandag, 16.00, 5 dagen voor vertrek.
De telefoon gaat. Mijn echtgenoot. ‘Hoe gaat het bij jou?’; vraagt hij wat bedrukt.‘Goed, hoor!’; antwoord ik, opgewekt. ‘Ik ben bij mijn moeder om samen met haar nieuwe gordijntjes te maken voor in de slaapkoof. Om eerlijk te zijn, doet zij al het werk en kijk ik toe, maar dat is verder niet van belang hier.
‘En bij jou?’. Aan de telefoon hoor ik eerst even niks, dan een diepe zucht en daarna volgt een verhaal met daarin vrij veel scheldwoorden.
Ik heb een technisch inzicht van lik-me-vessie, maar ik probeer het nu toch aan jullie uit te leggen. In onze camper bevinden zich 8 kleppen. Onthoud even dat kleppen cruciaal zijn voor een motor. Deze dingen zijn voor ons inmiddels een hoofdpijndossier (ooit werden we al eens door de ANWB thuisgebracht van vakantie door een falende klep).
Nu moesten ze dus nog ‘alleen even worden gesteld’. Dit doe je met een schroefje. Onthoud ook dat ze dit schroefje al heul lang niet meer fabriceren. 7 Sunrise kleppen werden soepeltjes gesteld.
Schroef nummer 8 besloot dat het, na 40 dienstjaren, wel mooi geweest was met zijn inspanningen. Hij brak. 1 gedeelte in allemaal kleine splintertjes, het andere gedeelte bleef (rots-)vast zitten in de klep.
Een stemmetje in het hoofd van manlief zei, nèt voor deze ramp; ‘hmmm, dat gaat moeilijk, misschien moet nu je stoppen met aandraaien.’ Een ander stemmetje rook de vakantie al en zei ‘Kom op, even rammen, dan is het maar klaar!’ Het laatste stemmetje won.

Een warme Dinsdag. 17.00 4 dagen voor vertrek.
Na een dag hard werken komen echtgenoot en Peter binnen. Peter is een collega, oud- monteur en vooral beroepsheld. U kunt hem kennen van eerdere blogs. De mannen stellen een diagnose. Het einde van de Sunrise blijkt gelukkig niet in zicht. Zaterdag op vakantie gaan, wordt echter wel een uitdaging. We zoeken naar ons laatste restje optimisme.
Na een intensieve zoektocht vinden we ‘de schroef’ bij een garage in Made. De mannen weten die avond vast de oude schroef te verwijderen (en de 1000 losse stukjes uit het motorblok te vissen). Ik zet koffie en bijt nagels.

Een nog warmere Woensdag, 3 dagen voor vertrek.
12.00
Manlief werkt. Ik rijd met kind naar Made. Er blijken nog 2 schroeven te liggen bij de handelaar. ‘Zeldzaam spul aan het worden hoor!’; wrijft de beste man er nog even in. Ik koop ze maar gewoon allebei, rijd naar huis en bijt weer nagels.
17.00 
Na wederom een lange werkdag stappen de 2 mannen weer binnen. Ze nemen geen pauze, maar gaan direct aan de slag. 2 keer knipperen met je ogen en deze helden hebben de kleppen gefixt.
Nèt als je denkt dat je met je kont op het strand aan het Deense bier kunt, slaat opnieuw het noodlot toe. Een schroef van de nok- as breekt. Ik heb geen idee wat dit is en wat het doet, maar aan de gezichten van de heren kan ik zien dat het iets belangrijks is.... ‘
#**%%’
Dat de handelaar in Made nog open is èn deze specifieke schroef ook heeft liggen, mag een wonder heten. Zo rijden we voor de tweede keer die dag naar het altijd gastvrije Brabant….
23.00
Een paar uur later voeg ik me met cola, koffie en wat angstzweet bij de heren in de Sunrise.
Er heerst tot mijn verbazing een vrij ontspannen sfeer. Er wordt gelachen en het aantal losliggende onderdelen is nog minimaal. Ik vraag me af of ik voorzichtig blij kan proberen te worden. De timing van mijn binnenkomst blijkt goed, ze willen de motor net gaan proberen te starten. Ik zie zweet op voorhoofden. Ik zie een hand richting de sleutel gaan. Ik zie twijfel. Ik zie de sleutel draaien. Hoor eerst een knal dan heel lang wat gepruttel.  En dan; het vertrouwde, maar vooral 
verlossende geluid van een oude, maar soepel draaiende motor. ‘Als een zonnetje!’ zegt Peter. De mannen high fiven. In mijn hoofd zet Mariah Carey in.

And then a hero comes along
With the strength to carry on
And you cast your fears aside
And you know you can servive
So when you feel like hope is gone 
Look inside you and be strong
And you'll finally see the truth
That a hero lies in you





zondag 22 juli 2018

Over camper twijfels & recovery


Toen we haar ophaalde kwam ze nog best goed uit de verf. Naast de vergane boerderij waarbij haar stalling staat leek ze aardig fier, onze Sunny, die we de laatste tijd minder aandacht hebben geschonken dan ze verdiende. 
Eenmaal thuis aangekomen in onze spliksplinternieuwe vinex wijk was het contrast helaas niet zo in haar voordeel. En daarmee ontstonden ook wel wat twijfels. 
Want dat betreffende nieuwbouw huis viel best tegen, klus-technisch dan. Laat ik het zo omschrijven; onze 2 jarige zoon is niet de enige in huis die ‘zelluf doen’ als levensmotto heeft. Dat is overigens geen klacht, integendeel. Het is wel een constatering. Een constatering die best veel (sowieso al schaarste) tijd en energie kost. 
Dus zo’n ietwat verpruttelde camper naast een ook nog on-af huis zien weekte ingewikkelde gevoelens los: tuurlijk, ik wil het ultieme campergeluk, maar een af huis en even totale klusrust is ook best een prettig voorstelbaar scenario. Dat we dan tijd hebben om in onze neuzen te peuteren, oneindig lange treinstellen te bouwen en slakken te kleien. Je kent het wel, van die normale gezinsdingen. En moesten we dus niet beter een all inclusive-je boeken, zoals de gemiddelde 30er doet!? Sunrise op marktplaats….!?

Dat laatste bleek eigenlijk geen optie, want dat we sowieso gingen rocken in het Vlaamse Werchter mèt Sunrise, zoveel stond vast. De tickets waren in huis, de dorst was groot en de line up nog groter. En daarom moest er geklust worden. Ingewikkelde gevoelens of niet. 2 weken de tijd om het dak waterproof te maken, want dat was dus nog al lek. Ik hoor u denken; ‘Och meisje, waar maak je je toch druk over!?’, maar ik stam nog uit de tijd waarin het nog wel eens wilde regenen in de Benelux, geachte lezer.

En daar ging ik. Gewapend met handschoenen, krabbers, een pet en factor 50. Op het dak zittende in de zon, met alleen jezelf en je oude kitprutjes, kun je veel loslaten, zo leerde ik. Meditatie van het zuiverste soort. Alle Sunrise herinneringen dwarrelde langs in mijn geest. De allermooiste plekjes, de leuke praatjes met mede campergekkies, het avontuur, de trots, en het enthousiasme van onze kleine jongen. Die stond overigens letterlijk met zijn handjes in de lucht te springen van blijdschap  toen hij haar voor het huis zag staan. En zo ging ik langzaam richting recovery wat betreft mijn camper twijfels.
Zelfs een halve zonnesteek, doordat ik met 30+ graden het dak zat te verven (tijdgebrek!), kon het groeiend optimisme de kop niet indrukken. En dat kwam heus niet allèèn door de heftige verfdampen.

Een weekend later stonden we er. Rock Werchter. Wat een festival (grooot) en wat een bands. En al koste het wat moeite om de juiste camping te vinden... Vlamingen blijken namelijk beter te zijn in het centreren van wegwijzers bij de eindbestemming, dan het verspreiden van de oranje hestjes in het festivalgebied. Arghhh, ruzie, gedoe. Maaaar: de moeite bleek beloond te worden met het allermooiste èn bovendien het enige schaduwplekje van de camping. Toch een puntje voor de Belgen. En dan ook op nog loopafstand van het festival terrein, precies een mooi loopje voor een b.v.o'tje. 
Plus: we hadden uitzicht op de aanlooproute. Waardoor we, onder het genot van een ontbijtje, alle paradijsvogels van Werchter uitgebreid konden begluren. En dat was niet erg, want zij bekeken ons ook. Al passerend zeiden de paradijsvogels dingen als; ‘Amai, schoon mobiel homeke.’ en ‘Zeg, das ne leuk kampeer gevalske.’.

Afin, deze veren in onze blije billen (+wat pintjes en muziek) waren meer dan genoeg overtuigend om ook de laatste restjes twijfel weg te vagen. 

Sunny blijft. 

En dat heeft ze mogen weten…



To be continued!



zondag 4 september 2016

3 hollandezen en een contra-bus


De motor ronkt. Soms een kleine pruttel. Daar is ie dan. De Hoeffalize camingheuvel.
De spanning van een wielrenner onder aan de Ventoux. Hoe zal de beklimming gaan, gaan we het wel redden? Hoeven we niet te worden geduwd?
2 jaar geleden kwamen we hier amper naar boven. Wat een zegenrit naar huis had moeten worden, draaide uit in hangende kopjes en een sleepauto. Dit keer willen we het anders. Met opgeheven hoofden en op eigen kracht.

Daar gaan we. Alsof het niets is, alsof we niet ooit een volledig team mannen nodig hadden om boven aan te komen, schiet de Sunrise omhoog. Boven gooien we nog even een nonchalante hand omhoog naar de campingbar en weg zijn we. Dahaaaag vakantie!

Inmiddels rijden we een trotse 90 km per uur op de snelweg. Tijd om terug blikken op de afgelopen 3 weken vacance avec le Sunrise. We waren in Frankrijk. Zuid Frankrijk zelfs. We waren in plaats van met 2 met 3. Het was geen dag onder de 30 graden. Het was heet, het was goed.

Een paar kleine uitdagen horen erbij. De eerste uitdaging diende zich wel iets sneller aan dan gehoopt.
Net in Antwerpen, nog geen 1,5 uur onderweg. Een kleine misser op de navigatie, dus we worden de stad ingestuurd. Daar staan we voor een stoplicht. Ronk, ronk, puf, zucht en dan een stilte. Motor is afgeslagen. Opnieuw starten wil niet. Geen eens een klein protestgeluidje bij het omdraaien van de sleutel. Hij doet echt nul, niks, nada.
Achter ons vormt zich een rij geïrriteerde en claxonnerende Belgen. Amai, ge staat hier gevaarlijk.
‘We moeten een stukje duwen.’ zegt manlief, alsof t niks is. Alsof de camper niet 2,5 ton weegt.
‘Maar, ik heb Schiphol-armen’ stamel ik nog. We hebben geen keus. Slappe lach maakt zich van me meester en we weten dankzij de goed ontwikkelde biceps van mijn man en mijn slappe armen maar volledige toewijding, de camper toch naar een veiliger plaatsje te duwen. Das pas amai.
De problemen vallen mee, Robert heeft zich ontwikkeld tot amateur monteur en stelt een snel-diagnose (kapot-knipperlicht zorg voor problemen met startmotor) en weet het ook nog binnen 40 min te fixen.

De tweede uitdaging vond plaats op terugweg. Wederom geen zin om te starten, maar dit keer een eenvoudiger probleem en een beter plekje, dus met een paar keer vloeken en 2 zwarte handen rijden we weer weg. Hartje die man.

Hij heeft namelijk ook nog een geniaal vouwbed in elkaar geknutseld onder tijdsdruk in de weken voorafgaand aan de vakantie. Bestemd voor ‘de derde man aan boord’ (le bèbè), die deze vakantie voor het eerst meereist in zijn zitje op de motorkap. We hebben van te voren geoefend. We kozen de koudste pinksternacht sinds tijden uit om te ‘baby-camper’ testen. ‘T kind vindt het net zo fijn als zijn papa en mama. Lekker slapen op een ronkende motor en je vader en moeder altijd dichtbij. Niks staat ons in de weg om een heerlijke vakantie te hebben met zijn 3-tjes. Om meerdere redenen hebben we hier zo naar uitgekeken. En zo geschiedde het.

De grootste uitdagingen waren namelijk verder. Nemen we witte of rode wijn. Gaan we naar het riviertje of naar het zwembad? Wandelen of fietsen? Koken we zelf of gaan we uit eten? Je kent het wel, van die lastige vraagstukken.

Onderweg hebben we weer vol enthousiasme naar andere campers gezwaaid, leuke mensen ontmoet en weer trots de camper aan hen geshowd, maar de echte show-steler bleek toch dat kleine blonde mannetje. En terecht.

Als zijn komst voorspoediger was gegaan, hadden wij geen Sunrise. Nu konden we met de Sunrise én hem naar de Ardèche, waar de wortels liggen van onze relatie. De cirkel was rond. Zo trots als een aap met 7 lullen.

En dan nu weer terug naar de realiteit van huis en dagelijkse beslommeringen, dromend van een volgend avontuur.
Oh en mocht je je afvragen waarom het zo stil is op dit blog. Zie mijn andere blog (mamaahh); iets met de Factor Tijd.
 
Toedeledokie!
 




 

zaterdag 6 december 2014

The crazy camperz and the Missing Link


Waar waren we ook al weer? Juist.
We werden naar huis gesleept eind september.

Al snel daarna werden de dagen korter en daalde de temperatuur, de herfst zet zijn zin door en de blaadjes dwarrelen melancholisch van de bomen.
Troosteloos stond de Sunrise op een parkeerplaats achter ons huis. Zucht. Het lijkt leek alweer eeuwen geleden dat we met een zonnetje op onze giechel zorgeloos door de Franse provincie toerden.  Ik betrap mezelf er op dat ik soms iets ga ‘lenen’ uit de camper en dan blijf ik even zitten in de camper. Ik zit daar dan het vakantiegevoel terug af te dwingen.
Hoe hard je je ook voorneemt dit jaar echt langer chill te blijven en niet te stressen na je vakantie, het dagelijkse leven en alle slechte gewoonten kruipen snel weer tevoorschijn en  ‘plof’ daar gaat je chill.  

Gelukkig ontmoeten we spontaan bij de benzinepomp een nieuwe campervriend; Tom. Hij heeft net een geweldige grote blauwe oude camper gekocht. Hij gaat er lekker mee naar Spanje, overwinteren. Hoewel ook hij wel even moeten wennen aan alles wat er komt kijken bij zo’n gevaarte, brengt hij bij ons weer wat vakantiegevoel terug. Robert helpt met klussen in zijn camper en Tom laat ons meegenieten van zijn muzikale talent. Gitaar+zang+wijntje= ‘plof’-> chill!

Ondertussen maken we ons ook wel zorgen over hoe verder met onze grote liefde. Want dat buitenstaan in ons koude kikkerlandje daar worden zomerse campertjes niet blij van. Maar ja, de diagnose van de ANWB meneer was duidelijk. Goede motor, maar wel serieuze problemen. Manlief krabte regelmatig aan zijn hoofd en zocht op internet naar onderdelen. Gelukkig; collega Peter blijkt serieus verstand van motoren te hebben en biedt zijn hulp aan. Is de redding nabij?
 

 
De mannen gaan aan de slag, de motor wordt helemaal uit elkaar gehaald en ligt in 100 stukjes verspreid door de camper.
Ik voel me nutteloos, dus doe wat ik hoor te doen. Koffiezetten, broodjes ei maken en regelmatig roepen dat het schafttijd is.
De technische kreten vliegen me om de oren en ik kan helaas niet invullen of ze hoopvol zijn of niet.
Ondertussen draait de pakketbezorger overuren om alle pakjes met onderdelen uit verschillende landen te bezorgen. Het zit niet mee. Schroefje A is te groot, Tangetje B doet het niet en Klepje C wordt al 30 jaar niet meer gemaakt…  

De parkeerwacht en de wijkagent hebben ondertussen klachten uit de buurt. Buurtbewoner(s) blijken zich te storen aan de Sunrise. Hun vakantie gevoel is schijnbaar ook onder het nulpunt gedaald.
We leggen uit dat we zelf ook echt graag willen dat de Sunrise ergens met een dak boven zijn hoofd staat, maar dat rijden een beetje lastig is zonder motor…. De gemoederen worden weer even gesust, want de wijkagent en de parkeerwacht vinden het stiekem dapper en leuk wat wij doen. Jammer dat mensen niet meer gewoon aan ons zelf iets komen vragen maar gelijk klagen bij oom agent. Weer een beetje chill zakt bij me weg. Adem in, adem uit.

 
 
 
 
Gisteren moest de grote dag zijn: Peter offerde weer zijn vrije uurtjes op  en de mannen gaan dapper aan het werk. Alles weer in elkaar en dan de sleutel omdraaien en dat magische geluid horen, dat is het doel van de dag!  Het is een regenachtige, koude sombere dag die zijn reputatie waar maakt.
Een paar uurtjes later blijkt het namelijk weer niet mee te zitten. Dus pakjesavond of niet, Robert en Peter klussen, geheel in stijl van een moderne zwarte Piet, dus met zwarte vegen, verder.

Als ik om 23.30 thuis kom van een hysterische pakjesavond zonder ‘oom Robot’, zijn de mannen nog bezig en helaas hoor ik geen motor draaien. Voorzichtig peil ik: ‘uhm schat, lukt het??’.  Het antwoord is zoals verwacht: “Nee het lukt niet… KAK! “
De 2 ‘pietjes’ ruilen teleurgesteld hun moersleutels in voor een alcoholische versnapering. Waarom start hij nou niet!!????

Iets met de druk/compressie!?
Ik zie dat het mogelijke ontbreken van druk in een motorblok zorgt voor een teveel aan druk in de koppies bij de mannen. Voorzichtig probeer ik nog sinterklaas-style te grappen; ‘pas maar op: straks  leidt dit gebrek aan compressie bij jullie tot een grote winter- depressie’.
Er wordt niet hartelijk gelachen. Me and my big mouth….

De volgende dag breekt aan en de zon schijnt. Altijd behulpzame buurman Arnold en zijn meisje zijn in het bezit van een compressiemeter. En wat blijkt, niks aan het handje. We hebben druk!!
Een niet goed afgestelde ontsteking was de enige missing link. En dan……. Afstellen, sleutel omdraaien en voor het eerst in ruim 2 maanden klinkt in ons oor; tuf, tuf, tuf, pruttel en VROOOOOOOOOM!

Robert moet bijna huilen van blijdschap.

Joepie de poepie!

Nu nog de laatste puntjes op de i en dan mag ze lekker in winterslaap met een dakje  boven haar hoofd. Ik ga nog snel een paar glazen warme choco in de camper drinken met de kachel aan, en dromen over dit voorjaar en alle mooie tripjes die ons weer staan te wachten als happy campers. He! PLOF! Daar is ie weer; mijn chill! ;).
 
Hiephoi allen!

PS ondertussen wachten wij met spanning af tot dit voorjaar. Het nieuwe caravanityboek komt uit en *tromgeroffel*: WIJ STAAN ER IN!
Zie hier deel 1 van het Caravanity boek.

 

 
 

maandag 29 september 2014

Op avonturen.....!

 
Terwijl ik dit blog schrijf rijden we met onze billen samengeknepen op de Belgische snelweg. We zijn bijna thuis; 200 km nog... We hebben er ruim 2400 achter ons!
Waarom dan die samengeknepen billen, vraag je je af?
Geduld vrienden, dit vertel ik aan het eind van het blog. Allereerst neem ik jullie mee naar de avonturen die wij de afgelopen 2 weken hebben beleefd op vakantie met de mr Sunrise the LT Volkswagen…

Ik wil graag aftrappen met wat tips voor beginnende camperaars (mochten jullie ambitie hebben: lees en leer).

Tip 1
Koop van die grote gele dingen voor onder je wielen voor je naar het buitenland gaat. Niet ieder land blijkt zo plat als nederland...(duuuuhhh). En 'de veel wijn + scheef in een hoogslaper combinatie' doe je liever niet al te vaak.
Tip 2
Neem een kaart mee van het betreffende land van bestemming. TomTom blijkt DomDom voor oude campers. Zo kun je zelf de mooiste, rustigste en meest campervriendelijke paadjes uitzoeken. En waarom de snelweg als je toch niet snel kunt!?
Het schijnt overigens dat deze kaartlees-tip minder aan te bevelen is in geval van relatieproblematiek, maar voor ons pakte dit echt hartstikke prima uit (......of nou ja, meestal dan ;).
Tip 3
Koop een ACSI camperpas en ga buiten het seizoen op vakantie. Je krijgt enorme kortingen op de mooiste (en normaalgesproken duurste) campings. Vergeet niet naar alle andere camperaars te zwaaien onderweg. Dat hoort.
Tip 4
Denk niet dat een camper onhandig is (dat dacht ik zelf namelijk vroeger), omdat je dat je dan niet 'even boodschappen kunt doen'. Onzin!! Je hebt fietsen dus je bent superflexibel. Bovendien is het juist vet handig als je iets gaat doen en je altijd alles bij je hebt (incl. je eigen wc!)!

Tip 5
Neem altijd mee: ducttape en tai rips. En neem vooral ook mee: veel en als ik zeg veeeeeeel dan bedoel ik ook echt veel: geduld, peace and love. Deze tip wordt later verder toegelicht en staat in verband met de eerdergenoemde samengeknepen billen.

Dit zijn de belangrijkste tips. Natuurlijk hadden wij dit allemaal uitstekend voorbereid (lees een licht cynische ondertoon).

‘Maar Janne, vertel, vertel: hoe was de vakantie met DE camper????’

Het was top! Frankrijk hebben we weer op een heel andere manier gezien dan we al kenden.
Normandië was goed voor ons; mooi weer, fijne omgeving en sportieve tripjes!
In  de Jura/Vogezen hebben we veel natuurschoon bewonderd en beklommen. De camper bracht ons ondertussen braaf van camping naar camping.
Wij verdubbelden op die campings wel het bezoekersaantal en halveerde de gemiddelde leeftijd. Dat was een aparte ervaring, maar dus wel heerlijk rustig.
 
 

Onderweg hebben we meerdere spannende avonturen beleefd, zowel camper-gerelateerd, als niet camper-gerelateerd. Omdat dit ten slotte een camperblog is zal ik er daar 1 van uitlichten(de niet campergerelateerde blijft dan exclusief voor intimi; maar iets met: via ferrata, + tres, tres difficile + denken ‘dat kunnen wij’ = overhang, overhang, overhang, paniek, spagetti-armen, boehoe  ik ben een slap meisje, huilen en hyperventileren en blauwe armen. Zonder al te veel te willen weggeven, natuurlijk..):

Het camperavontuur heeft alles te maken met deze foto en ging als volgt:

 
.........
 
We stonden op een prachtige camping in de vogezen, de campereigenaar was een aardige, praatgrage man. Aangezien mijn ‘Francais’ wel een oppoetsbeurt kon gebruiken, kletste ik bij het afrekenen even gezellig met hem.
Hij vertelde dat er in de omgeving een prachtig meer was en dat we echt niet weg konden gaan, zonder daar te hebben gewandeld.
Tips van locals zijn meestal de beste, dus zo gezegd zo gedaan: wandelschoenen aan, camper in en op naar het meer! De camper bracht ons keurig boven op de col (weliswaar in de eerste versnelling en met max. 15 km p/u, maar toch).
De wandeling en het lac des Perches waren inderdaad oogverblindend mooi, vooral met de herfstkleuren nu. Voldaan komen we terug bij de camper.
Omdat het zo’n mooi plaatje was besluiten we nog even een foto schieten van de camper met bergen op de achtergrond. De camper moet alleen even een stukje worden verplaatst; ongeveer 100 m over een parkeerplaats, hoe moeilijk kan het zijn!?
Robert start en rijdt in mijn richting, terwijl ik aanwijs waar de camper ongeveer moet komen voor de foto.

Totaal onverwacht zie ik, als in een aflevering van Topgear, de camper eerst omlaag en vervolgens omhoog vliegen!! Robert zijn gezicht trekt wit weg...
In de binnenspiegel ziet hij een tsunamie van olijfolie op zich af komen, gevolgd door een enorme stofwolk die zich een weg baant door de camper (dit blijkt later melkpoeder te zijn).
Na eerst even een paar seconden beduusd en met opengevallen mond naar elkaar te hebben gekeken nemen we de schade op.
Als het poeder is neergedwarreld zien we een mengsel van olijfolie, zongedroogde tomaten, koffie en melkpoeder neerdruipen langs onze mooie net gewitte wanden. Ook de keuken en op de nieuw gestoffeerde kussens zitten er helemaal onder. De vloer licht bezaait met kapot glas, hagelslag en allerlei potten...

Oorzaak van deze miniramp: er zat een enorm gat in de weg! De camper maakte zo'n stuiter dat het voorraad kastje open werd geslingerd en de inhoud ervan de camper in werd getorpedeerd.

“Ik, ik, ik weet geloof ik niet waar ik moet beginnen met opruimen…” stamel ik tegen mijn nog vloekende aanstaande...

We zuchten een aantal keer diep en beginnen stilletjes maar vastberaden te poetsen. Uiteindelijk zitten er alleen op 1 kussen behoorlijke olijfolievlekken, maar gelukkig verder weinig blijvende schade.
Dat ik tijdens het vloerpoetsen ook nog mijn knie pijnlijk verdraai maakt de chaos die dag helemaal compleet. En dat na alle stoere bergbeklimmingen! Gelukkig 1 en al zen, want we hebben vakantie!




 

 

Onze laatste vakantie bestemming na dit avontuur zijn de belgische Ardennen. We rijden richting Houffalize, naar een camping waar Robert tijdens zijn schooltijd is geweest en waar hij de eigenaar nog van kent.
Een warm welkom (met een koud glas Leffe) wacht ons bij aankomst. Na het eten besluiten we nog een biertje doen in de bar. Een biertje blijken er iets meer te worden. Als ook nog een delegatie mannen van coca-cola-noord-oost-Nederland ons komt vergezellen in de bar raken we de tel van het aantal drankjes definitief kwijt. Wat een topavond! (bedankt CenP buitensport!)

De volgende dag voelen we ons, vreemd genoeg, niet zo fit. Het schijnt goed te zijn om dan iets actiefs te doen, dus we trekken de wandelschoenen maar weer aan om ons wederom richting een meer te begeven. De camper heeft ook een kater, denken wij, want hij start moeilijk. Uiteindelijk, na 4 x afslaan, moeten het campingpersoneel en de mannen van cola moeten ons de camping afduwen.
Hmm, niet echt rock 'n roll....
Ook berg-op loopt de camper slecht. En dat terwijl hij het (op het accu probleempje na dan) zo goed heeft gedaan!
Robert laat er geen gras over groeien en onderzoekt de motor. Hij vind 1 slang die los zit en 1 slang met een scheur. Motoren schijnen dat, voor zover ik er verstand van heb, niet echt leuk te vinden.
 


Lang verhaal kort, wij moeten naar huis, want de plicht roept. De slangen worden proffesorisch gerepareerd en we rijden. Alleen niet echt veel harder dan 70 in zn 3. Dus. Thuis maar weer even een beetje klussen dan! En voor nu: billen samenknijpen (inmiddels hoeven nog maar 100 km) en lief lachen naar mensen die geïrriteerd achter ons zitten! Ze zijn natuurlijk ook gewoon stik jaloers dat ze zelf niet in zo’n mooie camper op vakantie zijn geweest. Lekker puh. Alles komt vanzelf weer goed. Wij hebben in ieder geval weer genoeg energie na een onze vette trip.

The end!
 
 
 ..............

Dit had het einde van dit blog moeten zijn... Helaas kreeg het verhaal een ander staartje. Na de laatste keer tanken gaan we niet meer harder dan 60 op de snelweg en vormen we officieel een gevaar op de weg. We besluiten onze trots uit het raam te gooien en bellen de ANWB. Diagnose: koppakking kapot dus 2 van de vier cilinders doen niet meer mee. Je hoeft geen verstand van auto's te hebben om te snappen dat dat niet best is.
Het goede nieuws (voor een hippie is het glas half vol): met een reparatie kan ie zo weer 10 jaar mee, want de ANWB meneer is onder de indruk van de staat van de motor/camper.
Als hij vervolgens de sleepwagen heeft gebeld kunnen we ook de laatste 70 km, met iets minder opgeheven hoofden, afleggen.
You got to move...
 
 
 
To be continued!
 
Peace and Love all!